Cyriax

Cyriax (orthopedische geneeskunde)

James Cyriax is een Engelse Orthopedisch Chirurg die een onderzoek- en behandelsysteem heeft ontwikkeld voor mensen met klachten van spieren, pezen, gewrichten en wervelkolom.

Kenmerkend voor de orthopedische geneeskunde is de systematiek van het onderzoek dat steeds op dezelfde manier wordt uitgevoerd, waardoor een heldere diagnose wordt verkregen. De therapeut kan hierdoor veel adequater een therapieplan opstellen en uitvoeren.

Bij de behandeling maakt de fysiotherapeut gebruik van manuele technieken, zoals:

  • Dwarse fricties (een specifiek soort massage)
  • Lichte manipulaties
  • Advies tot injecteren (injecties worden dan toegediend door een arts).

De kracht van de Londense orthopeed James Cyriax lag vooral in het onderzoek van het bewegingsapparaat en dit vertalen naar de verantwoordelijke structuren: spier, pees, slijmbeurs, gewricht, tussenwervelschijf, etc.

De pijlers van zijn systeem zijn:

  • Een degelijk begrijpen van het fenomeen “referred pain”, en een goede kennis van de embryologische derivaties van spieren, gewrichten en ligamenten. Uitstralingspijn is een fenomeen waar men in de geneeskunde, en voornamelijk in de orthopedische geneeskunde dagelijks mee te maken krijgt:b.v. hartpijn wordt gevoeld in de arm of in de hals, heuppijn in de knie, en schouderpijn kan uitstralen tot aan de duimbasis. Het kennen en begrijpen van de wetmatigheden van “referred pain” is een eerste vereiste om met succes een goede diagnose te kunnen stellen.
  • Een correct en systematisch uitvoeren van de klinisch diagnostische procedures zoals anamnese en klinisch onderzoek. Hierin wordt de functie van elk te onderzoeken structuur getest. Dit gebeurt door middel van een gestandaardiseerde reeks testen. Inerte structuren worden getest door middel van passieve bewegingen, waarbij bewegingsuitslag, pijn en eindgevoel worden nagegaan. Contractiele structuren worden getest door middel van isometrische weerstandsbewegingen die spieren of spiergroepen, pezen en tenoperiostale inserties selectief op rek brengen. Het geheel van de positieve en negatieve antwoorden op de testen vormt dan een patroon. Een bepaald patroon is typisch voor een specifieke aandoening. Bij de diagnosestelling worden de bevindingen uit de anamnese vergeleken met het klinische patroon gevonden tijdens het functieonderzoek. Wanneer beiden goed met elkaar correleren spreken wij van “Inherent Likelihoods”. Dit betekent: Wat de patiënt ons verteld heeft, klopt perfect met wat wij tijdens het klinisch onderzoek vinden. Soms wordt er helemaal geen correlatie gevonden, of zijn er tijdens het klinisch onderzoek reeds duidelijke onwaarschijnlijkheden naar voor gekomen. Men spreekt dan van “Unlikelihoods”. Dit betekent ofwel: we hebben te maken met een aandoening waarmee de onderzoeker niet vertrouwd is, ofwel: de patiënt spreekt de waarheid niet. Het voordeel van het uitvoeren van een gesystematiseerd onderzoek en het interpreteren van patronen is wel dat de patiënt absoluut geen weet heeft van wat kan en wat niet kan. Simulanten vallen dan ook zeer vlug door de mand, zeker wanneer de onderzoeker het aantal testen gaat opdrijven, of dezelfde testen vanuit een andere houding gaat uitvoeren.
  • Een zeer goede kennis van de functionele en de topografische anatomie is eveneens onontbeerlijk. Vooreerst om de klinische gegevens te kunnen vertalen in anatomische aandoeningen, maar ook om later een gerichte, en gelokaliseerde behandeling op de getroffen structuren te kunnen toepassen.
  • Een goed inzicht in het karakter, de ontstaanswijze, de biomechanica en de normale evolutie van de verschillende aandoeningen is natuurlijk eveneens noodzakelijk om met vrucht een goede diagnose te kunnen stellen.

Onze fysiotherapeuten die gespecialiseerd zijn in de methode Cyriax zijn:

André Ramaekers
andre@fysiotherapieramaekers.nl

Liesbeth van den Dungen
liesbeth@fysiotherapieramaekers.nl